Ives Ensemble

Datum: 11 november 2025

Aanvang: 20:00 uur
Locatie: Het Cenakel, Tilburg

Prijs: €18,00 | student €8,00

Programma

In Sterren van de Hemel richt het Ives Ensemble de blik op een bijzonder kruispunt in de muziekgeschiedenis: het Parijs van begin twintigste eeuw, waar Maurice Ravel en Igor Stravinsky bijna gelijktijdig twee compacte, vernieuwende liederencycli schreven voor dezelfde ongebruikelijke bezetting van sopraan, twee fluiten, twee klarinetten, strijkkwartet en piano. Ravels Trois Poèmes de Stéphane Mallarmé (1913) en Stravinsky’s Trois Poésies de la Lyrique Japonaise (1912–1913) delen elegantie en transparantie, maar vertegenwoordigen ook twee verschillende benaderingen van moderniteit: verfijnde klankpoëzie naast heldere, aforistische vormtaal.

Dit historische tweeluik vormt het vertrekpunt voor twee nieuwe werken van Nederlandse componisten uit het hier en nu: woord van Piet-Jan van Rossum en Riflesso sull’aria van Richard Rijnvos. Beide componisten kiezen nadrukkelijk voor een dialoog, niet door te citeren of te imiteren, maar door het klankideaal en de instrumentale architectuur als springplank te gebruiken.
Van Rossum laat de sopraan achterwege en maakt de piano tot middelpunt van een verstilde, meditatieve partituur. Hij beschrijft zijn benadering als “gebaseerd op intimiteit, op ingetogenheid, op balans, op schoonheid omwille van de schoonheid”, maar met een onderlaag van scherp realisme en reflectie op de menselijke conditie. Het werk is tevens opgedragen aan Louis Andriessen, met wie Van Rossum een intensieve artistieke relatie had sinds zijn studietijd: “we waren het zelden eens… en toch troffen we elkaar op dezelfde plek”. De titel verwijst zowel naar het bijbelvers “In den beginne was het Woord” als naar de Braziliaanse schrijfster Clarice Lispector, voor wie eenvoud en directheid essentieel waren: “ik ga het woord niet verfraaien.”

Rijnvos kiest juist wél opnieuw voor de stem. Riflesso sull’aria past in zijn reeks Riflessi (reflecties, red.), waarin hij historische muzikale bezettingen herneemt. Zijn twaalfdelige cyclus volgt, net als Stravinsky’s voorbeeld, Japanse poëzie — in dit geval Italiaanse vertalingen van tanka’s (gedichten van vijf regels) uit Note di Samisen (1915). De seizoenen structureren de muziek: vier instrumentale prologen worden gevolgd door telkens drie korte liederen. Waar Ravel vertrekt vanuit Mallarmé’s dromerige poëzie, schrijft Rijnvos juist kortere, heldere lijnen met een duidelijke focus op kleur en detail.

Tussen deze nieuwe werken klinken Ravels en Stravinsky’s oorspronkelijke cycli, aangevuld met een later stuk dat de brug slaat naar het heden: Clementi’s verstilde Impromptu (1979). Samen ontstaat een programma dat tijd en stijl overbrugt: van Frans modernisme via Italiaanse naoorlogse verfijning naar twee Nederlandse antwoorden op een eeuw geleden gestelde vragen.

0
    0
    Je bestelling
    Je mandje is leegVerder winkelen