De holistische aanpak van Patrick Ellis

 

Omdat reizen vorig jaar niet tot nauwelijks mogelijk was, werd de residentie van Patrick Ellis met een jaar uitgesteld. De jonge Engelse componist, die met weldoordachte stukken furore maakt in Birmingham en Den Haag, zat in de tussentijd niet stil – en plukt daar nu de vruchten van. Max Majorana sprak hem eerder deze maand over wat hij van plan is in het Cenakel. ‘De vraag hoe een toehoorder een muziekstuk fysiek ervaart is voor mij interessanter dan ooit.’

interview door: Max Majorana – 28 april 2022

Hey Patrick, fijn dat je tijd wilde maken. Ik wil graag wat meer te weten komen over je aanstaande residentie bij De Link, maar zou deze rubriek, zoals vaker, graag beginnen met de vraag of je jezelf kunt introduceren aan de hand van een vroege muzikale herinnering.
Ik kan me herinneren dat mijn jongere broer en ik vroeger een cassetterecorder hadden, rood met grijs, en één bandje dat we oneindig vaak gedraaid hebben. Er stond allerlei spul uit de jaren ‘80 op, sowieso Madonna en UB40.

Luisterden jullie daar alleen thuis naar?
Ja, eigenlijk wel, al sleepten we het ding soms mee naar andere plekken in het huis om optimaal gebruik te maken van de draagbaarheid. Erg luxe.

Dat luxueuze gevoel lijkt te zijn afgenomen nu door voortschrijdende technologie haast alles in je broekzak past. Ik kan je op dit moment zelfs aankijken terwijl we ons op honderden kilometers afstand van elkaar bevinden. Want je bent weer in Oxford gaan wonen, toch?
In de buurt van Oxford, inderdaad. Ik woon eigenlijk weer vlakbij de regio waar ik ben geboren, het graafschap Surrey. Ik zat als kleine jongen ook twee jaar in Singapore en ben in Birmingham aan het conservatorium gaan studeren. In Birmingham ben ik uiteindelijk het pad naar Nederland ingeslagen.

Hoe dat zo?
Veel van mijn docenten in Engeland studeerden twintig jaar geleden in Den Haag, dus het gesprek draaide vaak uit op wat er in de Nederlandse muziek aan de gang was. Ik werd daar steeds nieuwsgieriger naar en voor zover ik weet zijn er tot op de dag van vandaag warme banden tussen de twee instellingen. In het bijzonder hebben Maya Verlaak en Luke Deane me geïnspireerd om het Kanaal over te steken en aan culturele uitwisseling te doen.

 

Hoe lang heb je feitelijk in Den Haag gewoond?
Vanaf de zomer in 2017 tot halverwege 2019. Sindsdien ben ik er nog wel terug naar toe geweest, maar de laatste keer was voor een repetitie die geen vervolg meer zou krijgen; tegen de tijd dat het concert plaats zou vinden was de eerste lockdown begonnen.

 

‘De pandemie heeft mijn productiviteit opgekrikt.’

 

Onlangs vond het festival Rewire er weer plaats. Van die zo kenmerkende paniek uit maart 2020 was niets meer te merken.
Ik zag dat Meredith Monk er kwam optreden, maar ben zelf helaas nog nooit op Rewire geweest. Wat ik wel leuk vind aan Nederland is dat de muziekcultuur zo’n grote verscheidenheid laat zien en verspreid is over verschillende plekken. In Engeland is dat toch anders; niet dat alle festivals en concertseries in Londen plaats vinden, maar als puntje bij paaljte komt: de meeste toch wel. 

Tja, al is dat natuurlijk ook maar relatief. In de tijd die het je kost om van het noorden naar het zuiden van Londen te reizen, ben je met de trein al vanuit Den Haag in Tilburg gearriveerd. Heb je eigenlijk een band met de stad waarin De Link is gevestigd?
Nou, vooralsnog niet echt, al is bij jullie aan het begin van 2019 het stuk
Unfolding Chamber Piece van me uitgevoerd door Kluster5. Ik hoop daar nu snel verandering in te brengen door binnenkort in elk geval minstens een week in de stad te komen werken. Ik verblijf dan bij de vriendelijke mensen van SEA Foundation en werk overdag in het Cenakel. Ondertussen heb ik ook Nicoline (Soeter, voormalig artistiek leider De Link, MM) en Remy (Alexander, artist-in-residence 2020, MM) wat beter leren kennen.

 

Je residentie bij De Link zou eigenlijk in 2021 plaats vinden, maar werd noodgedwongen uitgesteld. Wat is het belangrijkste inzicht dat je
als componist tijdens de pandemie hebt opgedaan?
Ik besefte al vrij gauw dat live-muziek zich voorlopig enkel online af zou
gaan spelen. Als tegenwicht ben ik daardoor grondiger gaan nadenken
over hoe ik de live-ervaring voor zowel spelers als toeschouwers kan
optimaliseren. Het performatieve aspect is veel belangrijker voor me
geworden dan voorheen. Overigens geloof ik ook dat het stilzitten in, en
reflecteren op de pandemie me als componist productiever heeft gemaakt.

 

Je werk is multidisciplinair geworden?
Ja, zoiets. Er is wat meer dramaturgie bij komen kijken. Toen ik zelf op een gegeven moment na een lange, concertloze periode weer in een zaal zat, merkte ik dat ik hyperalert was op alles wat er op het podium, maar ook verder om me heen gebeurde. Voor mij persoonlijk voelde het daarom als het juiste moment om aan de slag te gaan met het integreren van projecties in de uitvoeringen van mijn werk, en het experimenteren met alternatieve opstellingen. Dat deed ik voor het eerst toen ik bezig was aan
Objects & Portrait Projections, een stuk voor het Nederlandse ensemble XTRO, voor drie percussionisten. Het is alsof er een nieuwe dimensie voor me werd ontgrendeld. Dat wil ik ook bij het publiek bewerkstelligen. De vraag hoe een toehoorder een muziekstuk fysiek ervaart is voor mij nu interessanter dan eerst.

En daar gaat dus ook de nodige dramaturgie mee gepaard. In die zin komt je residentie bij De Link op het juiste moment. Je krijgt straks de sleutels van het Cenakel in handen om de ruimte een week lang in je op te nemen.
Zeker, mijn werkwijze was vorig jaar nog niet zo ver ontwikkeld; ik neem aan dat ik er toen minder uit zou hebben gehaald.

 

We sluiten dit seizoen bij De Link af met de Zwitserse percussiegroep Eklekto. Blijf je na 3 mei nog even bij ons plakken voor het laatste concert?
Ik vrees het ergste.

 

‘Ik werd hyperalert op alles wat er op en naast het podium gebeurde.’

 

Heb je eigenlijk een favoriete muzikale bezetting waarvoor je schrijft? Je nieuwste werk zal worden uitgevoerd door het saxofoonkwartet Tantrum.
Percussie, saxofoon, of grote orkesten; dat maakt me an sich niet zo veel uit. Wanneer de voorbereidende samenwerking met musici prettig is, stuwt dat het eindresultaat sowieso naar grotere hoogten.

Wat was voor jou dan bijvoorbeeld de aantrekkingskracht om een stuk te schrijven voor gevonden voorwerpen, zoals plastic flessen?
Dat is precies zo’n voorbeeld van wederzijdse beïnvloeding. Ik vind het zelf vanuit conceptuele zin gewoon erg spannend om muzikale parameters los te laten op objecten die zich buiten zo’n context bevinden, ze daarmee een nieuw doel te geven. En toen kwamen de heren van XTRO dus met die lege PET-flessen en het lichtplan op de proppen. Nog best fotogeniek ook, als ik zo vrij mag zijn.

Ik heb nog een andere video van je gezien, Around the Clocks, een soort marathonstuk dat in de buitenlucht van Dublin werd uitgevoerd in het kader van het Biosphere Festival. Dat had niets van doen met de ambient producer onder datzelfde alias, maar des te meer met klimaatverandering. Zou je jezelf eigenlijk bestempelen als een politiek geëngageerd kunstenaar?
Dat zou ik weliswaar kunnen doen, maar is elke kunstenaar dat niet? Louis Andriessen maakte in zekere zin ook politieke keuzes door voor een bepaalde bezetting te schrijven. Ik waak er voor om mijn publiek op te zadelen met expliciete politieke opinies. Ik geloof niet dat dat de taak van een kunstenaar is – al sijpelt er ongetwijfeld altijd iets van mijn persoonlijke overtuiging door in mijn werk.

 

Mag ik je complimenteren met je politiek correcte antwoord?
Haha! Nouja, natuurlijk is klimaatverandering als thema een heet politiek hangijzer, maar dat is niet iets wat ik zelf bedacht heb. Ik zou zeggen dat juist wanneer het gaat om iets alomtegenwoordigs en complex als klimaatverandering het niet zozeer de vraag zou moeten zijn wat jouw standpunt als kunstenaar of toeschouwer is, maar of die überhaupt nog te beïnvloeden is.

Voor de residentie werk je samen met het in Tilburg opgerichte Tantrum Saxophone Quartet. Heb je vaker voor rietblazers gecomponeerd?
Ja, maar dat is wel al even geleden, een jaar of zeven, toen ik nog studeerde. Ik heb wel al vaker geschreven voor ensembles waarin ook saxofonisten meedoen, zoals Orkest de Ereprijs en Kluster5. Toen Merijn (artistiek leider De Link, MM) me destijds voorstelde om me te koppelen aan Tantrum, leek het me wel aardig om nog eens een poging te wagen. Ik houd er enerzijds van om voor diverse bezettingen te schrijven, maar een kwartet met soortgelijke instrumenten is op een andere manier weer een hele uitdaging.

Is het stuk al af? Ga je straks gewoon bekijken hoe je het kunt voegen naar de specifieke locatie van het Cenakel?
Ik vertrek meestal niet vanuit een overkoepelend idee, maar knoop gaandeweg, al uitproberend, meerdere invalshoeken aan elkaar. Dus nee, het stuk is zeker nog niet voltooid, het zal zijn vaste vorm en structuur pas krijgen op 3 mei.

Want dat heeft dus te maken met het te gebruiken beeldmateriaal, de akoestiek van de ruimte, et cetera?
Inderdaad, voor mij zijn bijvoorbeeld ook de esthetiek van de videoschermen en de textuur van het kwartet factoren van belang. Nu ik op een manier te werk ga die niet meer puur muzikaal is, probeer ik er echt iets holistisch van te maken. Ik heb ter voorbereiding het YouTube-kanaal van De Link bestudeerd en het er ook al een beetje met Remy over gehad, maar het blijft toch een avontuur om alles op zijn pootjes terecht te laten komen.

Klein tipje van de sluier, want ik heb de technische rider al even kunnen bekijken: de geluidsspeakers staan straks in het midden van de zaal, de projecties worden opgesteld achter de vier musici, en de werktitel is Fractured Motion. Maar wat voor beeldmateriaal ga je gebruiken?
Vooropgesteld: alles kan nog veranderen. Maar het idee is nu om vergeten, rechtenvrije beelden te gebruiken die ik online in oude archieven heb opgeduikeld. Allemaal zwart/wit, veel overlappingen, een aardige weergave van het mondaine leven uit de jaren ‘50 en ‘60 van de vorige eeuw, naar mijn idee althans. Het narratief laat ik uiteindelijk aan de individuele toeschouwer.

 

Is het componeren van soundtracks voor film een ambitie van je? Je stadgenoot Jonny Greenwood is er de laatste jaren groot mee geworden, en ik hoor ook wel enige filmische kwaliteiten in jouw muziek.
Momenteel prefereer ik om muziek te schrijven voor concertante uitvoeringen. Maar zeg nooit nooit; als de juiste cineast me op het juiste moment benadert, zal ik het heus wel overwegen. Voorlopig houd ik de touwtjes echter liever zelf in handen. Of het moet andersom gaan; ik lever eerst muziek, waarna een filmmaker er mee aan de slag gaat. Dat zou een leuk experiment zijn.

Ik wil je in ieder geval veel succes wensen tijdens je week in het Cenakel en kijk uit naar het optreden. Wat is trouwens het eerste dat je gaat doen nadat je voet aan Nederlandse wal hebt gezet?
Je zult het misschien niet geloven, maar de Earl Grey van Albert Heijn vind ik werkelijk veel lekkerder dan wat ik in mijn vaderland kan krijgen. Daar neem ik na afloop zeker een voorraadje van mee terug.

0